Gré Strikwerda wordt 100 op een beerenburgje en een sigaret

Drachten

Geertje Strikwerda-Aalders ('iedereen noemt me Tante Gré') viert vandaag haar honderdste verjaardag. Haar geheim? Elke avond een Beerenburgje en een sigaret.

Tekst en foto’s: Fokke Wester

Roken is niet een gezonde gewoonte, dat weet ze best wel. ,,Maar ik ben te oud om er nu nog mee te stoppen. Ik rook niet zo veel, drie of vier sigaretten per dag. Vroeger rookte ik voor de gezelligheid, nu doe ik het tegen de eenzaamheid.''

Directeur

Gré Aalders is precies honderd jaar geleden geboren in Zevenhuizen, als derde in een gezin van zeven. Haar vader was boer. ,,Wij zaten net aan de Groningse kant.'' Na de lagere school ging ze aan het werk in Hilversum, in een tehuis voor oud-verpleegsters. Ze werkte er bij elkaar achttien jaar en gaandeweg werkte ze zich op. Uiteindelijk schopte ze het er zonder opleiding zelfs tot directeur. ,,Toen ik weg ging zei de directeur van het ziekenhuis: Er gaat er eentje met vijf poten weg. Om haar te vervangen hebben we er eentje met zes poten nodig, haha.''

Strikwerda keerde terug naar het Noorden, omdat ze ging trouwen met Harrie Strikwerda uit Marum. Die was na het overlijden van zijn vrouw blijven zitten met drie kinderen, twee zonen en een dochter. ,,Die hebben daarna mij het leven zuur gemaakt'' zegt Gré Strikwerda lachend, terwijl ze in de kamer naar de drie wijst. ,,Nee hoor, anders was ik ook geen honderd geworden.''

Gezin in nood

Ze leerde haar man kennen via een vroegere buurman van haar ouders. Hij werkte bij de Timmerfabriek van Marum. ,,Dat was wel een hele overgang van het verpleegtehuis in Hilversum naar een gezin in Marum, maar nee, ik heb geen moeite gehad met de omschakeling. Ik vind het juist wel fijn dat ik het gedaan heb, ik heb er een gezin in nood mee geholpen.'' Zelf kreeg ze na haar huwelijk geen kinderen. Op haar honderdste heeft ze nu 7 kleinkinderen en 14 achterkleinkinderen.

Na het overlijden van haar man dertig jaar geleden is ze naar Drachten verhuisd, waar haar jongste zoon woonde. Sinds twee jaar woont ze in verzorgingstehuis Rispinge. ,,Ze zorgen hier goed voor me, maar je bent wel je zelfstandigheid en je privacy kwijt, hè. Maar ik was gevallen en toen heb ik nog een poos in Bertilla gewoond. Nu ben ik wel blij dat ik hier ben.''

Recordzomer

Dat ze op haar honderdste nog een recordzomer mag meemaken, noemt ze leuk. ,,Maar zo warm hoeft het voor mij ook weer niet. Gelukkig heb ik zo'n blazer naast me staan, maar ik vind het vooral erg voor de mensen die met die hitte moeten werken. Vroeger op de boerderij heb ik ook wel zulke warme en droge zomers meegemaakt. Dan zat er geen water meer in de put en stonden de sloten allemaal droog. Er zullen nog wel meer van zulke zomers komen. Ik maak me wel zorgen om die klimaatverandering. Ik hou het nieuws ook nog wel bij. Krantlezen gaat helaas niet meer, maar televisie gaat vaak nog wel. Alleen als ik moe ben is het lastig.’’

Een eeuw is lang en er is veel gebeurd de afgelopen honderd jaar. ,,Toch voel ik me geen honderd, eerder twintig, haha. Ik weet nog wel dat mijn moeder oud was, die had precies het zelfde. Kijk die oude mensen nou eens, zei ze dan. En die waren even oud als zij zelf.''