Aaldrik Pot: ‘Mens moet leren leven met de marter’

Appelscha

Tegen de steenmarter is veel te doen, maar een afdoende oplossing is er niet. ,,We zullen er mee moeten leren leven. Of je moet hem uitroeien’’, zegt marterkenner Aaldrik Pot.

Tegen de steenmarter is veel te doen, maar een afdoende oplossing is er niet. ,,We zullen er mee moeten leren leven. Of je moet hem uitroeien’’, zegt marterkenner Aaldrik Pot.

Uit de reacties op Facebook blijkt dat Rottevalle niet het enige dorp is waar de knager voor overlast zorgt. En dat is logisch, zegt Aaldrik Pot, boswachter in het Drents-Friese Wold. Iedereen in Friesland en Drenthe woont namelijk in het territorium van een steenmarter.

,,De steenmarter is een sterk territoriaal dier en de bezetting is hier heel erg verdicht. In heel Oost- en Noord-Nederland zijn alle geschikte plekken wel zo’n beetje bezet. En hun leefwereld schuift op, in Amsterdam is de eerste steenmarter ook al gesignaleerd. Vrijkomende plekken worden dan ook snel weer ingenomen. Het helpt dus niet als je een marter vangt, of als er eentje wordt doodgereden. Dan komt er namelijk een territorium vrij en dat zorgt voor conflicten.’’

Vangen zorgt juist voor meer overlast, stelt Pot, want dan ontstaat er onrust onder de marters die het gebied willen overnemen. Ze zullen actiever worden, meer geursporen achterlaten en meer knagen. ,,Dan worden er dus nog meer auto’s vernield. Om de beste plekken wordt toch al voortdurend geknokt. Als je weet dat er een marter in de buurt zit, maar je hebt er geen last van, dan moet je hem vooral rustig laten zitten.’’

De grootte van een territorium is sterk afhankelijk van de aanwezigheid van voedsel. Hoeveel marters er in Rottevalle leven, kan Pot dan ook niet zeggen. ,,Ik ken Rottevalle niet. Maar een marter heeft in zijn territorium een stuk of zes nestplaatsen. Dus die zeven auto’s in die ene straat in Rottevalle kunnen best allemaal door de zelfde marter zijn beschadigd.’’

Waarschijnlijk leven er meer marters in Rottevalle. Pot weet uit onderzoek dat er in het deel van Norg waar hij zelf woont een stuk of zes marters hun territorium hebben. Hier hebben ze vaak een deel van het dorp en een aangrenzend stuk bos als leefgebied. ,,Maar dat is bij elk dorp natuurlijk anders. Het landschap maakt op zich niet uit, want de marter past zich heel goed aan de omstandigheden aan. En hoe beter ze zich aanpassen, hoe meer last mensen er van hebben.’’

Pot begrijpt de vele klachten en noemt ze ook terecht. ,,De steenmarter veroorzaakt overlast, maar hoe groot die overlast is, dat is altijd moeilijk in te schatten. Veel klachten zijn echt, maar veel verhalen die je hoort zijn ook van horen zeggen.’’ Het is in elk geval niet de schuld van de marter, zegt Pot. Die gedraagt zich naar zijn aard en natuur.

,,En dat kun je ze natuurlijk niet afleren. Hij snapt niet dat hij niet in onze huizen mag komen. Hij voelt zich blijkbaar thuis in de door ons geschapen wereld. Daar is voor hem prima te leven, met alle rotzooi die wij laten slingeren. En die huizen in de stad, daar maakt hij dankbaar gebruik van. Je kunt een martervriendelijke tuin maken, met takkenbossen waarin hij zich thuis voelt, maar je kunt natuurlijk niet voorkomen dat hij liever een plekje zoekt op een lekker verwarmde zolder.’’

De marter is niet het enige dier dat zich aanpast aan de veranderende samenleving. Pot wijst op de zwarte roodstaart, een vogel die van nature hoog in de bergen leeft, maar tegenwoordig ook zijn heil in schuren in dorpen zoekt. ,,Maar ja, daar heeft niemand hinder van.’’

Zelf heeft Pot ook slechte ervaringen met het knaaggedrag van de marter. Tot tweemaal toe werden van zijn auto de kabels en bedrading doorgeknaagd. ,,Bij mij hielp marterspray goed. Maar het is inderdaad heel vervelend als zoiets je overkomt.’’

,,Mijn vader heeft het eens gehad dat zijn auto eerst thuis in Delfzijl werd vernield door een marter en vervolgens op de camping weer. De marter die daar leefde rook de marter van Delfzijl en wilde de sporen van de indringer natuurlijk uitwissen door zelf te gaan knagen. Toen mijn vader in Duitsland moest zijn, overkwam hem daar het zelfde en terug op de camping ging de marter die daar leefde opnieuw helemaal los. Die martermannetjes gunnen elkaar het licht in de ogen niet, de strijd om de beste plekken kan er heel heftig aan toe gaan. Dat heeft mijn vader in korte tijd een paar keer honderden euro’s gekost.’’

Marters zijn eenlingen, die in hun territorium geen gasten dulden. De grenzen worden daarom ook voortdurend bewaakt en met geursporen verduidelijkt. Het lijkt soms of de marter in een groep leeft, maar dat zijn volgens Pot vaak vrouwtjes met jongen. ,,Die jongen worden in juli/augustus geboren en dan lijkt het of er een colonne voorbij trekt, maar zodra die jongen wat groter zijn en voor zichzelf kunnen zorgen, worden ze weggejaagd.’’

Tegen de marter is veel te doen, zegt Pot, maar een echt afdoende oplossing is er niet. Huizen en auto’s kunnen wel zo worden beschermd dat de dieren er niet in of bij kunnen. Zo helpt kippengaas onder de auto, zijn er sprays die werken en ook de al genoemde wc-blokjes in de dakgoot lijken een probaat middel te zijn.

,,Ze hebben een hekel aan geluid, dus een radio aan laten staan werkt, maar ook hondenharen zijn een probaat middel. Of het houden van een kat ook helpt, dat weet ik niet. Marters doen alles met geur, dus vreemde geuren kunnen helpen. Toen ik eens kampeerde in Duitsland en merkte dat er een marter in de buurt zat, heb ik mijn eigen urine over de banden gegoten. Soms werkt het, soms niet. Helemaal voorkomen kun je het niet. Een gewoon huis kun je nog wel goed afdichten, maar bij een grote boerderij is daar natuurlijk geen beginnen aan. En marters zijn slim.’’

Pot hoopt op een oplossing. Zo zou het opnemen van knaagschade in de verzekering, net als in Duitsland, al helpen om het imago van de marter te verbeteren. ,,Veel mensen willen dat de dieren verdwijnen. Tot in de jaren zeventig hielden ze alle roofdieren kort, werd alles met scherpe tanden gepakt. Dat was heel zuur en gelukkig zijn ze nu beschermd. Maar de vraag is: hoe tolerant wil je zijn? We zullen er mee moeten leren leven. Ik hoop dat we dat kunnen, want marters zijn buitengewoon fascinerende dieren.’’

En de marter is ook populair, weet Pot uit ervaring. Hij geeft al meer dan vijftien jaar lezingen over de natuur en na de wolf trekt de marter het meeste publiek. ,,Het is een populair dier, zo lang ze maar niet in je eigen auto komen.’’