Oer de Brêge | Henk Mulder ziet ook de spóken van de Skâns

Redacteur Fokke Wester ontmoette op de brug in de Hoofdstraat van Gorredijk Hendrik Jan Marinus, oftewel Henk Mulder (61). Een bekend gezicht, want Mulder verzorgt de publiciteit van De Skâns.

Hoe voelt dat, 61.

Nou, dat merk je niet. Het is maar een getal en het gaat meer om hoe je je zelf voelt en wat je doet. En dan voel ik me nog dertig, bij wijze van spreken. Ik merk het wel als ik 's avonds thuis kom, dan wordt het wat minder, maar nee, valt wel mee.

Ik ken je van de Skâns, wat houdt je functie precies in?

Ik doe daar de techniek. In eerste instantie ben ik daarvoor aangenomen, maar later ben ik naar de pr en de marketing gegaan, communicatie.

En je doet de techniek ook nog?

Klein beetje. Ik heb wel hulp van hele goeie jongens, ook omdat ik met mijn leeftijd.... Ik ben nog wel verantwoordelijk voor de techniek, maar de shows worden meestal gedraaid door andere jongens, hele goeie technici.

Jij zit midden in de Skâns, er wordt heel veel over gesproken, maar vragen ze jou wel eens wat je er van vindt?

Jawel.

Ook door de officiële instanties, de politiek?

Nee, niet zozeer, maar ik zit zelf in de communicatiecommissie van de nieuwe MFA, samen met de BHS en school De Treffer. Wij proberen dan een beetje de communicatie richting het dorp te maken, zeg maar. En we proberen ook heel leuke evenementen te organiseren waar alle drie de partijen bij betrokken zijn.

Er komt nu weer een beetje schot in.

Gisteren (maandag 25 februari, red.) hebben we raadsvergadering gehad, Ja, maar het blijft afwachten. Weet je, de klap is nog niet gegeven, de hamer is nog niet gevallen, dus je weet het maar nooit. Pas als de hamer valt en de spijker zit in het hout, dan zeggen we: yes, okee, we gaan er naartoe. En dan weet je het. Politiek is zo onvoorspelbaar, maar dat weten we al jaren. Niet alleen hier in Gorredijk, maar overal. Het is gewoon onvoorspelbaar.

En elke vier jaar zit er een nieuwe ploeg.

Ook dat.

Al is dat in Opsterland redelijk stabiel.

Ja.

Er is een hoop weerstand ook, hier in Gorredijk, snap je dat?

Tuurlijk! Ik snap het volkomen. Maar waar het op gestoeld is, volgens mij dan hè? dat is heel persoonlijk. Het gaat om emotie. En dat snap ik. Ik regisseer en schrijf al tien jaar de musicals voor de toenmalige Trimbeets, nu de Treffer. En dan zoek je daar opa's en oma's in de zaal, die hun kleinkind daar zien spelen en die zelf ook op dat podium hebben gestaan. En er zijn daar natuurlijk mensen verliefd geworden, mensen hebben daar een stukje leven. Dan snap ik, als je ouder bent, dat je dat stukje leven dan wilt behouden. Maar dat mag de vooruitgang, in mijn beleving, niet in de weg zitten. Maar ik snap het wel.

Maar er verdwijnt ook al zoveel.

Ja. Maar ja, dat is de vooruitgang. Ik bedoel: vroeger had je huizen met enkel glas, nu hebben ze allemaal... Ja, dat is toch zo? We moeten met de tijd mee, voor je comfort, voor je luxe. Dan kun je niet in die oude huisjes blijven wonen.

Wat jou betreft zo gauw mogelijk.

Ja, weet je wat het is, nu zit je in zo'n grijs gebied waarin je niet weet wat er gaat gebeuren. En dat heeft ook te maken met, ja, hoe gaan we straks verder, met de inrichting van het theater, en de zalen en noem maar op. Dus we kunnen eigenlijk nog niks. We kunnen nu nog niet concreet zeggen: kom op jongens, we pakken die archiefkast en die gaan we leegtrekken, want we gaan verhuizen.

Kijk je er ook naar uit, om een nieuw theater helemaal in te richten.

Jaah, ja, ja zeker. Vorige week zijn we met de directrice, de nieuwe directrice van de Skâns, Akky Ekema, zijn we naar Brabant geweest om in twee gelijkwaardige theaters te kijken. Dat is geweldig. Dan heb je het gevoel! Je kijkt op de vloer. Hier kijk je gewoon tegen de rand van het podium aan... Een vlakke-vloer, dat is prachtig, dan heb je veel meer mogelijkheden. Als het goed is komt er een tribune die je kunt in- en uitschuiven. Dus als je hem inschuift heb je een heel grote oppervlakte waar je weer de vergaderingen van grote partijen kunt houden, of de jaarfeesten, de Vrouwen van Nu, de Zonnebloem die hun middag hebben. Die kunnen daar allemaal weer terecht. Dat is toch prima? Dat is prachtig. En het is allemaal nieuw. Het wordt klimaatneutraal, energieneutraal, dat betekent dat je met de nieuwste middelen gaat werken.Wij stoken ons daar nu in principe gek, om het zo maar te zeggen. Dat kost klauwen met geld. De onkosten voor zo'n gebouw worden ook stukken minder, dus is de exploitatie ook makkelijker vol te houden, denk ik.

Jij bent heel enthousiast, maar het is de vraag of je het zelf haalt, voor je AOW.

Jahaa, als het goed is wel. Want ik moet tot 67 en ik ben 61, dus ik heb nog zes jaar.

Maar zes jaar in de politiek, dat is niks.

Nee, maar als het goed is hebben ze voor de zomer de klap er op gegeven. Maar nogmaals, er is niks veranderlijker dan de politiek. Ja, het weer.

Krijg je wel eens kritiek van tegenstanders, die eigenlijk vinden dat jij hun bondgenoot zou moeten zijn?

Nou, niet op die manier, maar ze zien je wel als tegenstander. Terwijl dat helemaal niet zo is. Alleen, weet je wat het wel is: ik werk daar nu tien jaar, ik weet hoe het boven het plafond is, ik weet hoe de ketel er uit ziet. Dat zijn allemaal oude dingen, binnenkort gaan ze kapot. Dan moet er een nieuwe ketel... En het is er hokkerig. In '60 was dat prachtig, dat was toen modern. Maar het is hokkerig, het is klein, het is benauwd, het is niet open...

En wat je ook doet, het blijft een oud gebouw.

Daarom. Dus als ze zeggen we kunnen het wel renoveren, dan denk ik: moet je niet aan beginnen. Want wat ik wel weet, als je gaat renoveren, dat het altijd duurder uitvalt dan nieuwbouw. Omdat je dan ook de spoken tegenkomt die er in dit gebouw zitten. En geloof me, die zitten er.

Ja? Noem eens zo'n spook.

Nou, er zitten balken boven het plafond, en er zijn een paar balken bij in de ronde zaal, die zijn al helemaal aangetast door water. Die zijn helemaal verpulverd. Dat betekent dat hij het nou nog wel houdt, maar... ja...

Maar op het moment dat je begint te rommelen...

Ja, daar moet je niet meer aan zitten, dan gaat het naar beneden. Dan kun je weer opnieuw beginnen. Als je wat wilt, dan moet je het helemaal platgooien. Maar ja, dat zullen de tegenstanders ook niet willen, die willen dát gebouw. Helemaal platgooien en opnieuw, net als een Phoenix, weet je wel?

Hoe lang werk jij bij de Skâns?

Dit is mijn elfde seizoen.

Waar kom je oorspronkelijk vandaan?

Ik ben een geboren Apeldoorner. Door het werk van mijn vader zijn we eerst met de familie, met mijn zus en mijn moeder naar Zwijndrecht gegaan.

Wat deed je vader?

Mijn vader was consulent in de centrale verwarming. Hij begeleidde namens een stichting jongens die op een gegeven moment aan het werk waren als verwarmingsmonteur.

Okee, dan zit je in Zwijndrecht en dan?

In Zwijndrecht tot mijn veertiende en toen naar Ermelo. En daar heb ik gewoond tot mijn veertigste. En toen ben ik zomaar in een keer in Friesland terecht gekomen. Want daar was woonruimtetekort, dat lukte daar niet. En goeie vrienden van mij waren uit Ermelo naar Sneek verhuisd. En nou komt 'ie hoor: Daar kwam ik op visite en toen stond er van Patrimonium, zo heette die stichting, stond er een bon in de krant waarmee je een huis kon huren. Dus ik dacht: wat kan mij het schelen...

Maar waarom had je in Ermelo een huis nodig?

Nou, ik zat op een kamertje.

Scheiding gehad of zo?

Ja, ook dat. Dat had er ook mee te maken. En het was klein en ik zat boven een discotheek, jong. Dat was tot vier uur 's nachts boem boem boem. Op dat moment had ik ook geen werk. Ik had altijd op een reclamebureau gewerkt. Nou ja, dan krijg je een brief binnen: u kunt naar Sneek toe. Je weet niet wat er gebeurt jongen, er gaat zoveel door je heen. Je hebt dan toch al zo lang in bepaalde plaatsen gewoond, ik was vrij actief in het verenigingsleven. Ik zat in de Oranjevereniging, ik zat bij de voetbalvereniging, alles laat je achter je.

Ja.

Maar ik heb het wel gedaan. En het is me op zich helemaal nog niet zo tegengevallen. Want hier maak je ook weer nieuwe vrienden. Op een gegeven moment kreeg ik werk in Laerd, bij de Shell.

Waar?

Het Shellstation bij Laerd. Dat is een buurtschap tussen Bolsward en Sneek en dat station heet zo. En daar kreeg ik kennis aan een vrouwtje, die wilde graag naar Leeuwarden. Toen ben ik naar Leeuwarden verhuisd. Nou, toen weer gescheiden en toen ben ik van Leeuwarden naar Tijnje gegaan. Toen heb ik hier nog boven Leeds gewoond, van Leeds ben ik naar Arie Jonkman gegaan. Maar dat was particulier en ik wilde gewoon van de woningbouwvereniging. En toen ging ik weer naar Tijnje en van Tijnje ben ik hier weer in Gorredijk terecht gekomen. Ik heb Friesland zo'n beetje helemaal doorkruist.

Hoe ben je daar beland?

Nou, er stond een advertentie in de krant, in de Leeuwarder. En in Ermelo werkte ik ook al bij een theater en ja, dat trekt. Nou, ik denk: solliciteren, ja, ik was ook al vijftig. Maar ja, kom maar langs. Toen was Kor Konstapel er nog, nou, okee, en het was klaar. Dus kon ik daar naartoe.

Mooi.

Ja, hartstikke mooi. Ja, dat was geweldig, ja, ja, ja.

En nu mag je straks een nieuw theater bouwen.

Nou, dat is helemaal mooi. Dan maak je dat proces ook mee. En daar leer je alleen maar van, hoe gek dat ook klinkt.

Het mooie is, je mag al je wensen op tafel leggen.

Ja, want de ervaring die je nu opgedaan hebt, die moet je zien te verwoorden naar de nieuwe situatie daar. Dingen die goed zijn moet je houden en dingen die slecht zijn, die moet je zien te verbeteren daar. Er zijn wel een aantal zaken die daarvoor in aanmerking komen. En dat is leuk. Ik heb al een beetje gezien, maar het wordt zo leuk, jongen, het is echt leuk. Dit is allemaal hokkerig en daar kom je binnen: hup, grote foyer. Je ziet mekaar, je spreekt mekaar aan, je kent elkaar. Je kunt naar de zalen toe, prachtig. Ik ben daar heel lyrisch over. Nou, lyrisch, dat klinkt misschien overdreven, maar ja, leuk. En natuurlijk omdat je van het oude naar het nieuwe gaat. Verhuizen is altijd leuk.

Laatste vraag: ben je ook Gorredijkster geworden.

Ik voel me hier thuis in Gorredijk, zeker weten. Ja natuurlijk, je kent door het werk heel veel mensen. Zo ben ik ook, dat zei ik al, tien jaar lang betrokken bij Trimbeets De Treffer. De eindmusical schrijf ik, regisseer ik. Eén keer in de week ga ik daar naartoe om met de kinderen aan de slag te gaan. Nou ja, als het goed gaat krijg je straks ook wat synergie bij die drie partijen in de nieuwe situatie. Nee joh, geweldig.

Dan zie je de toekomstige artiesten rondlopen.

Ja, absoluut, absoluut. Maar dat is het punt: wij zijn een klein theater, wij kunnen niet concurreren met Heerenveen en Drachten. Dus wij moeten wat, ik wil niet zeggen de mindere artiesten, maar de wat goedkopere, die je kunt betalen met ons budget. Toen ik hier kwam werken tien jaar geleden kwam Alex Klaassen nog en hoe heet die cabaretier... Goedemond. Die kunnen we nu niet meer betalen, maar die zijn hier wel geweest. En dat is een leuke functie van ons theater in Gorredijk, dat moeten we zien te behouden. De aankomende talenten hier naartoe halen, dat is leuk. En als je die dan vijf jaar later op televisie ziet, dan zeg je: hé, jou ken ik, van de Skâns.