Portret van Gorredijk: Fransy

GORREDIJK Deze week in het Portret van Gorredijk Fransy (75), ook woonachtig in Gorredijk.

Het is een beetje half guur weer, zo van, het regent nog niet. Net niet, maar het komt er wel aan, en in dit weer treffen we de 75-jarige Fransy die hier in Gorredijk woont. Ze is met een Limburger getrouwd en heeft in het begin van haar huwelijk ook in Limburg gewoond, en toen zijn haar schoonouders naar Gorredijk gekomen en zij gingen er achteraan, ze hadden binnen 14 dagen tijd een huis, haar man kreeg werk en twee weken later woonden ze in Gorredijk. Maar ze kunnen alles snel: “Onze kinderen zijn in twee maanden alle drie getrouwd, dus dat was boem, paf het huis leeg. Hahah!”

Wat maakt je gelukkig?

“Dat is een hele goeie, wat moet ik daar nou op antwoorden? Ja eigenlijk alles, ik kan niet zeggen dat ik ongelukkig ben, helemaal niet.”

Zou je iets specifieks kunnen noemen, waar je man je blij mee kan maken bijvoorbeeld?

“Mijn man kan ik blij maken met chocolade haha! Ow, hij mij! Door mee te gaan naar Australië. Maar dat doet hij niet, hij wil niet vliegen dus dan houdt het op. Ik heb daar een vriendin wonen, met haar man en kinderen, en dit is voor mij de zevende keer dat ik ga. In ‘91 zijn ze geïmmigreerd, nee in ‘89 en in ‘91 ben ik daar voor het eerst geweest. En dan zitter er wel heel veel jaren tussen, want laatste keer dat ik geweest ben was in 2011. We zijn al vijftig jaar vrienden en vroeger was het brieven schrijven, het technisch gebeuren was er nog niet. Dat is wel makkelijker geworden, want ik kan heel slecht schrijven, haha!”

Als je iets in je leven opnieuw en anders zou kunnen doen, wat zou dat dan zijn?

“Dan zou ik mee emigreren!” zegt ze heel snel. “Ja, ik zei altijd zolang mijn ouders nog leven ga ik niet. Maar toen mijn ouders waren overleden, waren de kinderen op een huwbare leeftijd dus die kregen verkering en dan ga je ook niet zo gauw. Het is zo’n mooi land, we gaan nu ook een heel eind trekken, zodra ik over de jetlag heen ben Vierentwintig uur vliegen, gaan we helemaal naar beneden, naar Melbourne en dan gaan we daar the Great Ocean Road doen. Die is 240 kilometer lang en die moet heel mooi zijn.”