Oer de Brêge | Vivian Polak op zoek naar grootmoeder Sara

Redacteur Fokke Wester ontmoette op de Hoofdbrug van Gorredijk Vivian Polak (66) uit New York, die vergezeld werd door haar partner Michelle Francis (55), hun hond Pip en het echtpaar Celine van Asselt en Christiaan Stam uit Naarden.

Ik begrijp dat u hier bent omdat uw familie afkomstig is uit Gorredijk. De naam Polak wijst er op dat u Joods bent.

Vivian Polak: Ja. Mijn familie heet Van Berg.

Het is de eerste keer dat u hier bent?

Ja. Niet de eerste keer dat ik in Holland ben, maar wel de eerste keer in Gorredijk.

En waarom bent u hier naartoe gekomen.

Omdat wij elkaar net hebben ontmoet, wij zijn familie.

Hoe bent u familie.

Mijn grootmoeder was de zuster van Célines overgrootvader. Dus wij zijn second cousins.

Achter-achternichten. Hoe heette uw grootmoeder.

Sara, Sara van Berg.

Die woonde hier.

Heel kort. Ze is hier geboren en ze woonde hier tot haar vijfde.

Wanneer is zij geboren.

Dat weet hij wel. Hij is de familie-historicus.

Christiaan Stam: In 1896.

En zij was degene die naar Amerika is gegaan?

Vivian Polak: Ja.

Dat was dus niet vanwege de oorlog.

Oh, jawel. Absoluut vanwege de oorlog. Toen ze hier vertrokken gingen ze naar Amsterdam. Daarna verhuisden ze naar Antwerpen en ze vertrok uit Antwerpen op de dag dat de Nazi's België binnen trokken. Ze ging naar Bordeaux en nam daar de boot naar Engeland. Ze woonde een paar maanden in Engeland en nam toen de boot naar New York.

Heeft u familieleden die hier gebleven zijn?

In Gorredijk? Nee, dat geloof ik niet.

Dus uw hele familie heeft overleefd.

Nee. Die woonden in Amsterdam. Veel van hen zijn vermoord in de oorlog. Maar mijn grootvader en grootmoeder hebben het gered. En mijn moeder.

Uw grootmoeder was al getrouwd toen ze naar Amerika ging.

Ja. Mijn grootmoeder was getrouwd en had mijn moeder gekregen. Mijn moeder was verloofd en zou trouwen, toen ze naar Amerika gingen.

Hoe heette uw moeder.

Gretha.

Haar verloofde is ook naar Amerika gegaan?

Veel later. Ze gingen eerst naar Engeland en daar sloot hij zich aan bij het Belgische leger dat in Engeland was gestationeerd.

Hij was een Belg?

Hij was een Belg, maar van Nederlandse afkomst. Zijn vader, nee, zijn oom was Henri Polak, een beroemde Nederlandse politicus. Hij was dus geboren in België, en woonde in Amsterdam en ook in België. En hij vocht, eh... hij kwam vanuit Engeland op D-Day plus zeventien, om België te bevrijden, met het Belgische leger.

Wat betekent D-Day plus zeventien?

Zeventien dagen na D-Day.

Okee.

Met de rest van het Belgische leger dat in Engeland was gestationeerd. Blijkbaar stuurden ze de nationale legers later, om te helpen bij het bevrijden van de verschillende landen. Hij hielp bij de bevrijding van België en bleef er wonen tot 1948 of zo. Toen kwam ook hij naar New York.

En trouwde daar met uw moeder.

Zij waren al getrouwd, 'by proxy', eigenlijk, in de oorlog.

Christiaan Stam: Met de handschoen.

Sorry? Oh, met de handschoen. Hij was er zelf niet bij.

Vivian Polak: Precies.

En wanneer bent u geboren?

In 1952, in New York.

Was de oorlog een belangrijk onderwerp, bij u thuis.

Heel belangrijk.

Ja?

Ja, ja, het speelde een grote rol in mijn leven. Ik ben opgegroeid in een heel kleine familie. Het is pas van de laatste paar maanden dat wij elkaar gevonden hebben.

U wist niet dat hier nog neven en nichten waren.

Nee, nee, nee.

Hoe bent u daar achter gekomen?

Door de familie-historicus.

Okee, dan ga ik nu even naar hem toe. U deed onderzoek en u kwam er achter dat uw vrouw nog een achter-achternicht had.

Christiaan Stam: Ja. Genealogisch onderzoek. En toen kwam ik uit bij de familie die hier woonde. En toen ben ik gaan uitzoeken...

De familie die in Gorredijk woonde. Dat was haar grootvader.

Overgrootvader. Haar grootvader is hier ook geboren, maar dat is een generatie later.

Céline van Asselt: Allemaal Van Berg.

Liggen hier ook familieleden begraven, nog?

Christiaan Stam: Nee.

Want hier is een heel mooie Joodse begraafplaats, hè?

Nee, alleen de kinderen die de eerste jaren niet hebben overleefd zouden hier begraven kunnen zijn. Maar ik weet niet of die wel een graf hebben, of een steen hebben.

Nou, misschien leuk om even te kijken, het is pas helemaal opgeknapt.

Céline van Asselt: Ja, dat kan.

Maar u kwam er dus achter dat uw vrouw een achternicht had en toen heeft u contact gezocht.

Christiaan Stam: Ja, er zijn wel wat jaren overheen gegaan, maar uiteindelijk heb ik ze gevonden.

En was het een grote verrassing, om nog familie te hebben in Nederland?

Vivian Polak: Ja, ja, fantastisch, ja, het was geweldig om te weten te komen dat ik hier familie had.

U bent opgegroeid in het besef dat veel van uw familieleden zijn vermoord.

Die zijn vermoord, ja.

En hoe heeft uw familie het overleefd, dan?

Céline van Asselt: Mijn grootvader, mijn Joodse grootvader, die was getrouwd met een niet-Joodse vrouw. En dat heeft hem gered.

Hem ook.

Hem ook, ja. Daardoor is hij later in een kamp terecht gekomen, later dan de anderen. En op Dolle Dinsdag is hij uit dat werkkamp, in de verwarring die er toen was, is hij gevlucht.

Christiaan Stam: Hij is gewoon dat kamp uitgelopen, toen de Duitsers even niet opletten.

En toen is hij ondergedoken nog.

Céline van Asselt: Ja, de rest van de oorlog.

Mag ik vragen hoe oud u bent?

Ik ben 51 jaar.

51. Dat was uw grootvader, in de oorlog. Heeft de oorlog in uw leven ook een grote rol gespeeld?

Ja, minder groot, denk ik. Maar het heeft wel een, eh, het is natuurlijk een belangrijke tak in de familie, het is van moederskant, bij mij. Het besef dat er zoveel mensen niet meer zijn, dat is heel, eh...

Dat is absurd, hè?

Dat is absurd, ja. En dat zat best dichtbij. Voor mijn grootvader dus allemaal, zijn broers waren er niet meer, die waren allemaal omgekomen. Er was dus familie naar Amerika gegaan, dat wisten wij wel, maar we kenden de mensen niet. En nu we mekaar gevonden hebben, dat is heel bijzonder.

Ja.

Vivian Polak: Fantastisch.

Ja, kan ik me voorstellen.

Mijn moeder leeft nog, maar zij heeft Alzheimer, dus. Ik heb haar verteld dat ik hierheen ging en zij zal het niet weten, maar als ik terug ben...

Is zij hier ook ooit geweest

Ja, heel lang geleden.

Begrijpt u er ook maar iets van waarom de Joden zijn vermoord. Het boeit mij en ik lees er veel over, maar ik kan maar niet begrijpen waarom het is gebeurd.

Ja, het is al vijfduizend jaar zo. Het heeft nooit zin gehad. Het had ook geen zin vorige week zaterdag in Pittsburg, toen iemand een synagoge binnenging met een geweer en elf mensen neerschoot. Weet je, het is zinloos.

Maakt het u sterker, als Joodse.

Ja. Absoluut.

Ik kan me ook voorstellen dat je je op een geven moment niet meer als Joods presenteert, maar probeert net zo gewoon als iedereen te zijn.

Ik denk dat het er voor de meeste Joodse mensen op neer komt: Ik ben Jood, en daar ben ik trots op. En als je daar een probleem mee hebt, dan is dat jouw probleem.

Ik vind het altijd opmerkelijk, die veerkracht van het Joodse volk.

Ik ook. En ik ben er erg trots op. Het is prachtig, en het brengt ons, denk ik, dichter bij elkaar. Het maakt familie ook veel belangrijker.

U kunt aangeven wie er mist.

Ja.

Dus is het belangrijker om te kijken naar de mensen die er nog wel zijn.

Precies. Precies. En om ze te vertrouwen, en lief te hebben, en te waarderen dat ze er nog zijn. Alles wordt, vanuit mijn perspectief, belangrijker.

Dus u viert nu het hebben van familie.

Ja, precies. En het leven.

Mooi. Ik wordt er altijd emotioneel van.

Ja, ik ook, haha.

U bent nog altijd religieus?

Ja, al ben ik meer onder de indruk van de tradities en de filosofie en minder van de religie. Maar ik ga nog altijd naar de synagoge en ik vier nog altijd de Hoogtijdagen. En ik voel me nog heel erg Joods. Dat is een belangrijk deel van mijn leven.

U bent getrouwd met een vrouw.

Ja.

Is dat een probleem, in Amerika.

In de zin van de wet is het prima, in de zin van de maatschappij hangt het af van waar je woont. In New York is het prima. Maar New York is ook een andere planeet.

Daar kun je gerust arm in arm lopen.

Michelle Francis: Maar wij lopen niet beslist arm in arm.

Maar het is geen probleem als je dat wel doet.

Dat hangt er vanaf wie je tegenkomt.

Was het voor u persoonlijk ook een probleem.

Vivian Polak: Het was een uitdaging, maar ook een vreugde.

Het moment dat u uit de kast kwam, is dat nog moeilijk geweest?

Met mijn familie is het wel moeilijk geweest, ja. Ik zou liegen als ik zei dat iedereen het wel prima vond. Mijn vader was er een stuk makkelijker over dan mijn moeder, maar na een poos, toen ze er aan gewend was, vond ook zij het prima. En uiteindelijk, zoals alle goede moeders, wilde ook zij natuurlijk het geluk voor haar kinderen.