Oer de Brêge | Friesland ontdekken op je 61ste

Redacteur Fokke Wester ontmoette op de Hoofdbrug van Gorredijk Evelien Baud (61) en Hans Willemsen (65), toeristen op de fiets.

Jullie zijn getrouwd?

Zij: Ja, een soort van. Zeg maar ja.

Waar komt u vandaan?

Utrecht.

U woont samen.

Ja. Met ons gezin.

Dan bent u inderdaad een soort van getrouwd.

Ja, daarom.

Hoeveel kinderen heeft u.

Drie. Drie dochters.

Altijd mooi. Wat doet u hier?

Wij zijn hier aan het vakantie houden.

Waar.

In eh... Jubbega.

In een huisje?

Ja, op de camping. In de campingsingel, dat is een trekkershut. Hele leuke trekkershut, daar mag je best reclame voor maken.

Mag je daar langer in blijven dan? Ik dacht...

Vier dagen, vier nachten. Maar wij maken een rondtour. We hebben twee dagen in Joure geslapen en en nu zijn we twee dagen in Jubbega.

En julie gaan op de fiets...

Op de fiets.

Met een groot pakket achterop.

Ja, precies.

En julie hebben echt gekozen voor Friesland dit jaar?

Ja, zeker. Friesland is heel mooi. Prachtig.

Ik kan dat niet ontkennen.

Echt een verrassing.

Zijn jullie hier vaker geweest?

We zijn in Makkinga geweest, maar dat was in de winter.

Ook leuk.

Ja, ook leuk. En nu zijn we bij de meren geweest, en met dit weer is Friesland natuurlijk geweldig. Niks mis mee.

Met elk weer eigenlijk wel.

Overal leuke dorpjes, overal mooi.

U heeft nu eerst een paar dagen in Joure gestaan, en nu vier dagen in Jubbega, wat voor leuke dingen hebben jullie al gezien.

We zijn gisteren in Jubbega aangekomen. We doen twee dagen, twee dagen, echt een midweekje. En we gaan nu hier een rondje fietsen. We kennen nu al de weldaad van de koloniën, of hoe heet dat?

De weldaad?

Ja, bij Frederiksoord.

Dat is in Drenthe.

Oh ja, dat is net Drenthe. Sorry!

Dat hoort niet bij ons, haha.

Sorry! We maken nu een rondje Friesland, rondom Jubbega. En we zien wel wat we tegenkomen.

Het is inderdaaad een heel mooie omgeving hier, en mooi beschut, dus het waait niet zo hard. En echt warm is het ook niet, dus...

Precies, helemaal goed. We kijken wel wat we tegenkomen.

U gaat vaker in eigen land op vakantie.

Ja.

Elk jaar?

Eigenijk wel, de laatste jaren.

Waarom?

Omdat het gewoon een beetje relaxt is. En het is zo’n gedoe om eh...

De kinderen zijn het huis al uit?

Ja. En die willen niet meer mee.

Voor veel echtparen is dat juist het moment om verdere reizen te maken.

Ja, maar dat is zo’n gedoe. Nee joh, dan zit je in drukke vliegtuigen, en dan moet je heel veel dingen uitzoeken. Wij bedenken gewoon twee dagen vantevoren waar we naartoe gaan.

En dan fietsen jullie daar ook heen?

Nu hebben we de auto onder Vollenhove staan, bij de Weerribben.

De fiets achterop de auto.

Ja. En we gaan ook wel eens met de trein. Beter voor het milieu.

En je ontdekt inderdaad de rijkdom van je eigen land, waarvan je het bestaan vaak niet eens weet.

Absoluut. Ik zei toen wij in Joure waren, op mijn 61ste ontdek ik Friesland. Dat is een mooie leus, toch?

Ja. En u op uw 65ste.

Hij: Ja, want wij zijn hier nog niet eerder geweest. Niet zo bewust.

Wat had u verwacht dan?

Ik had niks verwacht.

Het weer speelt natuurlijk wel een grote rol.

Zij: Met dit weer is het eigenlijk overal mooi.

Ja, daarom.

Ja, maar dan is het wel lekker om aan het water te zitten. Dat is wel een reden om naar al die meren te fietsen.

U vaart niet zelf?

Nee. Maar zwemmen is natuurlijk altijd lekker.

Ja, en fietsen met dit weer is ook fantastisch.

Daarom.

Zoekt u ook naar leuke culturele dingen, musea en zo, of is het vooral de natuur?

Hij: We hebben de Museumkaart meegenomen, want je weet het niet, hè?

Zij: Ik hield wel in de gaten, eh... Leeuwarden natuurlijk.

Escher is heel leuk.

Ja, maar uiteindelijk is het dan toch lekkerder om gewoon te fietsen. En nu is er in Frederiksoord een expositie. En we hebben de Colour Fields gezien, in Slooten.

Met al die schilderijen.

Ja, en al die fonteinen, hebben ze ons verteld. Maar uiteindeljk gaan wij altijd het liefste onze neus achterna. En dan komen we zomaar een journalist tegen! Kijk, zo gaat dat.

Je hebt altijd verrassingen.

En we kwamen gisteren ook het oudste, nee het kleinste haventje van Nederland tegen.

Laaksum, ja.

Precies. Gisteren zijn we het pontje bij het boerenbedrijf tegengekomen. Hoe heet het daar. Laks... nee, dat was het haventje. Een heel klein pontje, als je van Joure naar Jubbega fietst. Daar is een heel klein pontje.

Ik zou het zo niet weten.

Nou kijk, dat weet jij niet eens.

Nee, maar er zijn een heleboel pontjes hier in de regio.

Een superleuk pontje.

Jullie werken allebei niet meer?

Jawel, we werken allebei nog.

Ook met 65 nog?

Jaaah... Ja, dat moet tegenwoordig, joh.

Wat doen julie.

Hij: Ik heb een designwinkel in Utrecht. Dus dat kun je wel tot 70, 80 doen.

Ja, dat is waar. En daar staat nu iemand anders in.

Nee, die is gesloten.

Dat kan?

Jawel.

Maar dan verdien je dus even niets. U heeft altijd een winkel gehad?

Nee, de laatste twaalf jaar. Daarvoor was ik actief in het welzijn.

En was die designwinkel dan een oude wens van u?

Nee, nee, was gewoon leuk, het was eerst een antiekwinkel.

U had zelf die antiekwinkel.

Ja. En dan ga je mee met het volk, zeg maar. Dus is het nu een designwinkel.

Waarom bent u uit het welzijnswerk gestapt?

Op een gegeven moment vond ik het wel weer mooi geweest.

En dan word je ineens ondernemer.

Jah!

Zij: Aah, hij komt uit een middenstandsfamilie, hè. Zijn ouders hadden een...eh...

Die oude genen die werken nog door.

Ja, hij heeft altijd gehandeld.

Hij: Precies.

U werkt ook nog.

Ik werk bij een gemeente. Als beleidsadviseur.

Dus niet zomaar ambtenaar, maar iemand die mee mag praten.

Nou, een soort, hè?

In Utrecht.

In Krimpen aan de IJssel.

Okee. Ik zou er zo niet uit mijn hoofd heen kunnen fietsen, maar...

Onder Rotterdam, in de Krimpenerwaard.

Ja, ik weet dat er een Krimpen aan de IJssel is en een Krimpen aan de Lek.

Ook heel mooi.

Ja, dat weet ik niet. Misschien moeten wij een keer naar Krimpen om te fietsen, of naar Utrecht.

Ja. Zeker. Is ook heel mooi daar.

Heel Nederland is mooi.

Is wel waar, is zo.

Hoe lang blijven jullie hier nog?

Nou, waarschijnlijk gaan wij morgen wel weer terug. Maar dan gaan we na het weekend weer naar de Weerribben.

Eerst even naar huis.

Even de boel wassen. En dan gaan we weer door.

Dat is wel lekker, als je zomaar vrij kunt nemen.

Hij: Ja, precies.

Zij: Ik heb wel mijn vakantiedagen, maar hij sluit altijd in de zomer.

Hij: Zes weken.

Beetje midden in Utrecht?

Ja.

Dat is toch wel een drukke periode, lijkt mij.

Nou, ze zeggen altijd ‘vrouwen bloot, handel dood’. Dus je hebt niks te zoeken, daar.

Zij: Nee, het is uitgestorven in Utrecht. Iedereen gaat op vakantie.