Oer de Brêge | Vastleggen wat er staat

Redacteur Fokke Wester ontmoette op de Gerk Numanbrug in de Hoofdstraat van Gorredijk Marjon van Wieringen (52).

U komt oorspronkelijk ook van Wieringen?

Mijn man zijn familie wel, ja.

Wat is uw meisjesnaam?

Lamers.

U komt hier niet vandaan.

Oosrponkelijk niet, nee.

Waar komt u vandaan?

Ik kom zelf uit Heemskerk. Dat is bij de IJmond, Noord-Holland, midden tussen Haarlem en Alkmaar.

Hoe lang woont u hier al?

Een jaar of tien, vijftien.

U woont in Gorredijk?

Ik woon in Terwispel.

Waarom bent u in Terwispel komen wonen?

Mijn man wilde heel graag naar de rust en de ruimte. Het was bij ons in het westen veel drukker dan hier.

En kon hij zomaar hierheen komen, zat hij niet met zijn werk?

Hij is op zoek gegaan naar een andere baan. Mijn man werkte bij de brandweer, die moest dus echt iets zoeken in de buurt. Die is dus eerst hier een baan gaan zoeken en daarna zijn we hier een plek gaan zoeken, want dat moest toch een beetje in de buurt zijn.

Hij kon hier niet bij de brandweer komen?

Jawel, hij zat toen bij de beroeps, nu niet meer, en toen heeft hij een baan gevonden in Smallingerland. En ja, dan moet je binnen een kwartier ter plaatse zijn, dus dan kun je niet heel ver weg wonen.

En Terwispel lukte net, omdat de A7 daar zo mooi langs ligt.

Ja, ja.

Binnendoor wordt al wat moeilijker, denk ik.

Dat denk ik ook, ja.

Dus jullie hebben gewoon een rondje om de kazerne van Drachten heen getekend...

Eigenlijk wel, ja.

En waarom dan Terwispel?

Het is een heel leuk dorp.

Moai Wenplak, staat er ook bij de ingang.

Moai Wenplak, en dat klopt ook, daar ben ik het helemaal mee eens. En het dorp is ook toegankelijk.

Toegankelijk, open.

Ja, open, dat je goed contact kunt krijgen. Het bevalt ons prima.

En u woont er nou tien jaar?

Eh, ja. even denken, de jongens zijn nu 14 en 16 en de ene is hier geboren, dus we wonen hier nu ruim 14 jaar, 14, 15 jaar.

En u heeft hier intussen dus ook een baan gevonden.

Ja.

Wat voor werk doet u?

Ik ben Rijksambtenaar. Ik zit bij Rijkswaterstaat, haha.

En wat doet u daar?

Het is in feite een administratieve baan, daar, wij doen beheer en onderhoud van de Rijksvaarwegen en de Rijkswegen.

U werkt in Leeuwarden?

Ik zit in Lelystad.

Dat is een eind rijden elke dag.

Nou, dat is een uurtje, dus dat valt mee.

Ja, als je in Lelystad woont en je moet naar Amsterdam, dat duurt langer.

Ja, dat denk ik wel. Dit is nog geen uur rijden.

En uw werk gaat ook over heel Nederland.

Nee, we zitten in de provincie Flevoland, Noordoostpolder en het IJsselmeergebied en de Afsluitdijk, dat is ons district. En daar voeren wij het beheer en onderhoud. Dat wordt uitbesteed aan aannemers, die doen het werk, maar ik zit op het stukje gegevensbeheer. Aan de voorkant geven we uit wat we hebben, en aan het eind wil ik de revisie terugkrijgen.

Gaat dat om geld?

Nee, om gegevens.

U moet vooral archiefonderzoek doen en zo?

Nou, wij hebben naturlijk een stuk areaal in beheer, dus dan wil je ook weten wat je hebt, hoe het er bij ligt, en hoeveel je hebt, hoe het in elkaar steekt, dus dat soort gegevens.

Gaat u er ook zelf op uit, of legt u vast wat de mensen in het veld zien?

Ik ga er niet op uit, ik zit meer aan het bureau. Ik wil dat de aannemers het vastleggen. En daar zet ik regie op, dat dat gebeurt.

En na afloop komt er weer iemand kijken wat er staat.

Ja, dat zijn weer anderen, want ik zit puur op gegevens. Anderen zijn meer technisch onderlegd, die kijken of het technisch in orde is.

Het is een puur administratieve baan, in feite.

Voor mij wel. En heel veel communicatie. Zorgen dat het goed komt.

Leuk, ik kom hier anders nooit mensen van Rijkswaterstaat tegen.

Nee, gek hè? Die zijn altijd onderweg.

Maar u zit vooral op kantoor.

Ja. Je ziet wel eens witte auto’s rijden van Rijkswaterstaat, ik moet wel eens naar een ander kantoor toe en dan kan ik zo’n poolauto pakken.

Ik denk dat heel veel mensen niet eens weten wat Rijkswaterstaat doet. It Wetterskip kennen we, maar dat is toch wat anders.

Dat is meer lokaal, natuurlijk. Die doen het lokale beheer, die zitten vooral op dijken en waterstanden. Rijkswaterstaat doet dat voor de landelijke zaken. De Afsluitdijk.

De Waddendijk is ook van Rijkswaterstaat?

Nee.

Die is van het Wetterskip.

Volgens mij van it Wetterskip. Echt van Friesland, die dijken, die zijn van het Wetterskip. En dan heb je de Afsluitdijk, die is van Rijkswaterstaat. En dan hebben wij dat water, maar dat is een ander district, van Lemmer naar Delfzijl, dat is ook van Rijkswaterstaat.

Het Prinses Margrietkanaal, bedoelt u, en het Van Starkenborghkanaal.

Dat was allemaal van gemeentes en provincies, maar dat is nu ook naar Rijkswaterstaat gegaan.

Dus zodra het de ene lokale overheid overstijgt, dan gaat het naar het Rijk.

Ik denk dat dat wel de hoofdlijn is.

Maar dan hebben jullie verder niet zoveel in Friesland.

Nou ja, en de snelwegen.

Die horen ook allemaal bij Rijkswaterstaat? Waarom?

Omdat dat ook landelijk is. Landelijk is daar een pot geld voor, voor beheer en onderhoud.

Maar waarom valt dat onder Waterstaat. Bij Waterstat denk ik aan water, aan kanalen. Mar de A7 valt dus ook onder Rijkswaterstaat.

Ja klopt, de hele A7 en de A6.

Ik dacht dat het alleen met water te maken had, maar dat is helemaal niet zo.

Nee.

Jullie doen dus meer dan wij denken.

Ja, veel meer, haha. Leuk hè? Ja, zo leer je nog eens wat.

Ja. U zei dat u twee zonen heeft?

Ja.

En de jongste is hier geboren.

Ja, die zijn hier dus opgegroeid.

Die kunnen hier dus goed aarden, die spreken gewoon Fries?

Nou, thuis spreken wij geen Fries, maar op school hebben ze het wel meegekregen. Ze verstaan het wel.

U heeft geen behoefte om terug te gaan naar Heemskerk.

Nou, ik ga nog wel eens terug, natuurlijk. Naar familie, naar vrienden.

En hoe voelt dat dan?

Leuk.

Ja? Nog steeds thuis?

Ja, maar als ik dan weer terug kom is het hier ook leuk. Het is allebei goed. Ik ben niet echt gebonden aan een plek. Als je daar weer terugkomt, dan is het wel anders. Je bent er lang niet geweest, je ziet dat dingen veranderen, maar dat vind ik juist wel leuk.

Binnen 14 jaar zie je dat al.

Ja, maar dat zijn ook kleine dingen, een pleintje dat weg is, een weg die anders loopt. Toevallig ben ik er van de week nog geweest, want mijn moeder die woont daar nog. Ik heb er gefietst, dan komt het allemaal wel heel bekend voor. Dan zie je dingen die veranderd zijn, maar...

Het is toch nog wel thuiskomen.

Ja.

Hebben julie het er wel eens over gehad wat je gaat doen als jullie allebei met pensioen kunnen? Blijven jullie dan of gaan jullie terug?

Nee, dan blijven we hier.

Dat weet u nou al zeker.

Ja, dat weet ik nu al. We zijn hier juist gekomen omdat het hier rustig is. Als ik straks geen werk meer heb, dan kan ik daar nog meer van genieten. Dus dan ga ik niet terug.

Klinkt heel logisch, zo.

Voor mij zeg ik, dan blijven we hier.

U bent gewoon een echte Fries geworden.

Ja, ja, ik voel me geen Fries, ook omdat ik niet echt Fries spreek. Het is niet mijn moedertaal. Ze vragen spreekt u het? Nee, maar ik kan het wel zingen.

U kunt het zingen?

Nou ja, als je tekst hebt, ik kan het ook lezen.

U zingt in een koor.

Ja.

In Terwispel.

In Terwispel hebben we een heel klein koortje, niet officieel, maar zo wat bij elkaar.

Een shantykoor?

Nee, geen shantykoor. Dat doen we zelf, onderling.

En wat zingen jullie dan?

Van alles. Gewoon amateurs. We zijn met acht dames.

En eentje zegt dan: ik wil dat graag zingen, dan zingen jullie dat.

Ja. En er zit eentje bij die is wat meer onderlegd. Om de maand zitte we bij elkaar.

Jullie treden niet op.

Neuh.

Gewoon lekker zingen.

Ja. Een van ons werkt in een tehuis voor ouderen, daar hebben we wel gezongen. Gewoon leuk, de mensen genieten er van. Hollandse liedjes.

En bent u dan ook zenuwachtig?

Nee, het is gewoon leuk, ontspannen.

Echt voor de lol.

Echt voor de lol. En hier zit ik nog in een koor, dat is van Ars Musica, Femmes Vocales.

Dat klinkt wat officiëler.

Ja. Dat is officiëler

Ook wat deftiger repertoire?

Ja, dat is een dameskoor, daar moet echt wel even voor gewerkt worden.

Echt klassiek repertoire.

Ja.

En wat zingt u, alt?

Nee, ik zing sopraan. Echt de hoge, we hebben dan twee sopranen en ik zing soms eerste, soms tweede sopraan. Vind’k leuk.

Lijkt mij ook leuk, vooral de afwisseling. Bij het ene koor moet het precies zo en niet anders, en bij het andere koor zing je wat je voor je krijgt.

Klopt. Lekker los.