Opsterland wil een eerlijker kinderpardon

BEETSTERZWAAG

De regels en voorwaarden rond het Kinderpardon moeten eerlijker en soepeler worden gehanteerd. Een motie van Opsterlanders en de ChristenUnie daarover is gisteravond met ene ruime meerderheid aangenomen.

OpsterLanders en ChristenUnie dienden gisteravond de motie ‘Eerlijk Kinderpardon’ in, mede gesteund door de fracties van PvdA, CDA. D66 en FNP. De motie werd met 11 tegen 6 stemmen aangenomen. Alleen Opsterlands Belang en VVD stemden tegen. De motie is een oproep aan de politiek in Den Haag om de regels en voorwaarden rond het Kinderpardon eerlijker en soepeler te hanteren. Kinderen die op hun achttiende langer dan 5 jaar in Nederland waren, komen in aanmerking voor het Kinderpardon/Bernepardon, mits ze voldoen aan enkele aanvullende voorwaarden. De regels worden nu zo strikt toegepast dat bijna geen enkel geworteld kind nog in aanmerking komt voor een Kinderpardon. Commotie Uitzetting is een schending van de rechten van het kind en betekent vaak veel onrust en commotie in de lokale gemeenschap zoals de buurt, scholen en verenigingen. De oproep in deze motie aan de politiek in Den Haag ligt in het verlengde van de kritiek van de nationale Kinderombudsvrouw en de internationale organisatie Defence for Children op het Kinderpardon: de extra voorwaarden zijn te streng en schadelijk voor de ontwikkeling van het kind. Versoepeling van de voorwaarden is mogelijk met betrekking tot het meewerkcriterium en overheids- in plaats van rijkstoezicht. Het meewerkcriterium wordt momenteel zo strikt toegepast door de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND) dat bijna geen enkel geworteld kind nog in aanmerking komt voor een Kinderpardon. Voor ongeveer 400 in Nederland gewortelde kinderen uitzetting dreigt naar een land waarvan ze veelal de taal niet eens beheersen.  Binnen veel gemeenten leeft brede steun leeft om in de gemeenschap gewortelde kinderen die hier langer dan vijf jaar verblijven, hier te laten blijven omdat het thuis van deze kinderen hier in Nederland ligt. 98 procent afgewezen Sinds de instelling van het Kinderpardon in 2013 tot juni 2017 zijn 120 van de 2120 aanvragen ingewilligd. In 2016 kreeg één gezin een verblijfsvergunning op basis van het pardon en was het percentage afwijzingen 98 procent. Het nationale beleid brengt met zich mee dat het ene kind mag blijven, terwijl het andere kind dat hier net zo sterk is geworteld moet vertrekken. Als voorbeeld noemde de indieners van de motie een Armeens gezin met twee kinderen. Sinds 2007 in Nederland. Een verblijfsvergunning werd aangevraagd in het kader van de Kinderpardonregeling. Afgewezen. Reden: het gezin was te lang uit beeld geweest van de Rijks-instanties (IND en COA) en daarmee  voldeed het gezin niet aan de voorwaarde van het Kinderpardon. Het gezin was al die tijd echter wel in beeld bij de gemeente (Aalten), Voedselbank en de kerk. Er kwam veel steun en sympathie van de gemeente en de media: het mocht niet baten.

Auteur

Fokke Wester