Recensie | Lijven van Dioni ten Busschen houden emotie voor zichzelf

Opsterland-Ooststellingwerf

De kijk van Jurjen K. van der Hoek op de tentoonstelling The forgotten people of Soosaare II – Droomtijd, beeldend werk van Dioni ten Busschen bij Museum Opsterlân,

In de hoofdzaal van Museum Opsterlân staan de op dit moment daar getoonde beelden op een laagje aarde van turf. Langs de randen zijn rietpluimen gestoken, het zaallicht is getemperd. Welhaast kan men zich dus wanen tussen de petgaten waar noeste veenwerkers onder een donkere wolkenhemel krom liggen om hun dagelijkse brood te verdienen. De voor de tentoonstelling van Dioni ten Busschen geschapen wereld tussen deze vier muren duidt inderdaad op het veenmoeras. De kunstenaar deed daar op die plek haar inspiratie op: “de kleuren, de oorverdovende stilte en de schitterende luchten”. Daarin zag ze een thema voor haar werk en hing deze emotie op aan oervolkeren, de dood en het leven. Ten Busschen blijft dicht bij de oorsprong door, als materiaal om haar beelden te boetseren. de grondstof turf te nemen. Om een eerder gesmede ijzerconstructie, in de houding van de beoogde vorm, plakt en modelleert ze haar figuren en torso’s. Introvert Met het materiaal als voedingsbodem en grondstof voor haar peatart legt ze een relatie van heden naar verleden. Naakten, ontblote lijven, die, door meest gekromde houding en de smerig donkere kleur van het bruine goud, in zichzelf gekeerd zijn. De getoonde werken en daarmee de tentoonstelling geven geen ingang, want de modellen zijn introvert in hun gesloten poses - uit zelfbescherming. Ze zijn bezig met zichzelf, dromen hun nachtmerrie. En is er dan een hoofd opwaarts gericht, dan mist het gelaat de gezichtsuitdrukking om te kunnen communiceren. Het liggend naakt, de vrouw in blijde verwachting, geeft zich vol overgave over aan het nieuwe leven dat in haar groeit – koestert en beschermt het. Zo schijnt elk lijf door Ten Busschen geboetseerd een emotie uit te stralen, een gevoel dat echter door de afgebeelde persoon beschermd wordt en zo minder duidelijk herkenbaar is. Als wandkleden Naast de beelden toont de kunstenaar schilderijen. Het zijn platen die passen in de primitieve sfeer van de tentoonstelling. De schilderijen draperen als wandkleden aaneengeregen gekleurde punten tot lijnen en cirkels. Het lijken kralenstrengen die ronddraaien en in beweging zijn. De houten planken als dragers hebben een gronding van turf waarop verfstippen de figuratie vormen. In de volgende zaal toont het streekmuseum ander werk van Ten Busschen. Vogelgroepen, waarvan iedere gevleugelde figuur een eigen houding en karakter heeft. De vriendjes hippen, pikken, fladderen, wassen zichzelf of willen net opvliegen. In hun drukke spel zijn ze voor dit moment bevroren, en, hoewel ze zwaar als een presse-papier ogen, zo licht als een veertje zijn. Mascottes met hangborsten en dikke buiken, brengen geluk bij vruchtbaarheid en zwangerschap. Twee kemphanen staan agressief tegen over elkaar, zoals ruziezoekers dat gewoon zijn. Frivool in de achterhoede Interessant en eigenzinnig in deze opstelling zijn de dancing vases, de dansende vazen. Om de huid van de langgerekte vormen zijn sierlijk een soort van banden gedrapeerd. Ze lijken, hoewel de figuratie feitelijk zonder beweging is, neerwaarts rond te draaien als een slingerweg langs een berg of het hoepelende kind. Frivool als de Spaanse dame in een wervelende bolero. Zo zijn de juweeltjes in deze tentoonstelling “droomtijd” in de achterhoede geplaatst. Jurjen K. van der Hoek ------- Tentoonstelling “The forgotten people of Soosaare II – “Droomtijd”, beeldend werk van Dioni ten Busschen bij Museum Opsterlân, Hoofdstraat 59 in Gorredijk. Tot 16 mei. KUNSTstukjes, http://jurjenkvanderhoek.tumblr.com/ KUNSTsnippers, http://jurjenklaas.tumblr.com/

Auteur

Redactie